19 september 2018 , Mark Geleyn

Jan Jambon , Kris Peeters en Premier Charles Michel. De Zweedse coalitie met een nieuwe liberalere abortuswet.

foto: © Reporters / GYS

Er klopt iets niet in België.

Gewetensvrijheid is één van de principes die Belgische regeringen en parlementairen met gulle vrijgevigheid decennia lang in resoluties en verdragen hebben gegoten. Om dan, in een snel compromis tussen regeringspartijen, dat principe in de papiermand te kiepen.

Dat is wat gebeurde tijdens de laatste dagen voor de zomervakantie, toen de regeringspartijen een akkoord vonden over een wijziging van de abortuswet van 1990. Die wet was destijds met een wisselmeerderheid goedgekeurd omdat de christendemocraten niet meestemden. Ook koning Boudewijn had toen gewetensbezwaren. Deze keer liep alles cooler, sneller, en binnenskamers.

Draak van een wetsvoorstel

De liberalen drongen er al lang op aan om de sancties op de zwangerschapsafbreking af te schaffen en ‘om abortus aan de tijdgeest aan te passen’, zoals ze het zelf stellen. Om van het gezeur van de liberalen af te zijn, hebben CD&V en NVA dan maar toegegeven, zodat de kwestie in de komende maanden van de baan is. Het is al moeilijk genoeg binnen deze regering.

En zo ontstond een gedrocht van een wetsvoorstel waarvoor de christendemocraten en de Vlaamsnationalisten zich zouden moeten schamen.

Hoe CD&V en N-VA die tekst hebben laten passeren is mij een raadsel, maar in elk geval beschamend voor staatspartijen

Het begint met de memorie van toelichting. Dat is de inleidende tekst van een wetsvoorstel waarin de doelstellingen en de maatschappelijke relevantie van de wet toegelicht worden, en waar ambtenaren en partijsecretariaten doorgaans veel energie insteken. Deze memorie is een draak: zonder enige verwijzing naar het drama van de zwangerschapsafbreking, zonder enige afweging van implicaties en begeleiding, enkel met referenties naar progressieve landen en achterlijke landen. Het is een dieptepunt van wetgevende redactie. De tekst komt waarschijnlijk uit een pamflet van de Baas in Eigen Buik Brigade. Hoe CD&V en N-VA die tekst hebben laten passeren is mij een raadsel, maar in elk geval beschamend voor staatspartijen.

Gewetensvrijheid

Aan het principe van de gewetensvrijheid hebben de Europese landen, dus ook België, binnen de Raad van Europa, het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) en binnen het Europees Parlement, tonnen teksten gewijd. Zo vraagt het EVRM aan de lidstaten dat zij ‘de vrijheid van denken, geweten en godsdienst’ waarborgen. De parlementaire vergadering van de Raad van Europa verklaarde dat ‘geen persoon, hospitaal of instelling gedwongen kan worden tot een abortus of gediscrimineerd worden omwille van een weigering om een abortus uit te voeren’.

Al die mooie engagementen op Europees rechtsniveau, ze pasten even niet. In het wetsvoorstel inzake zwangerschapsafbreking is het principe van het gewetensbezwaar gewoon afgevoerd. Artsen en verpleegkundigen (en ziekenhuizen?) die weigeren abortus uit te voeren, omdat zij dit niet kunnen verantwoorden met hun geweten, moeten maar iemand anders aanduiden die een daad wil uitvoeren, die zijzelf moreel afwijzen. Het is tekenend voor onze tijd dat velen dit moreel dilemma zelfs niet kunnen of willen inschatten.

Abortus verhinderen

En dan is er die strafbepaling voor personen ‘die proberen te verhinderen dat een vrouw vrije toegang heeft tot een zorginstelling die zwangerschapsafbrekingen uitvoert’. Fysieke dwang is altijd strafbaar; dat hoefde hier niet herhaald te worden. Maar wat de regeringspartijen blijkbaar de ogen uitsteekt, dat zijn die obscurantisten, die ProLifers die zwangere vrouwen willen overtuigen hun ongeboren kind te behouden en groot te brengen. Tegen zo’n gevaarlijke individuen willen onze Vlaamse volkspartijen strafmaatregelen. Misschien zijn het wel christenen!

Beseffen de christendemocraten wel wat hier aan de gang is?

Californië, het liberalistisch paradijs bij uitstek op deze aarde, had al zo’n wet. En die wet is in juni van dit jaar door het Amerikaanse Oppergerechtshof ontoelaatbaar verklaard. Californië moet die wet dus nu afvoeren. En een maand later beslisten de Belgische regeringspartijen om precies deze strafbepaling op te nemen in een Belgische wet. Beseffen de christendemocraten wel wat hier aan de gang is?

In de vroegere wet was nog een consultatie ingebouwd, een bescheiden bedenktijd van één week, zodat een arts of een adviesinstantie de vrouw met raad en overleg kon bijstaan. Dat alles lijkt evident voor zo’n ingrijpend gebeuren als abortus. Niet meer nodig: in het nieuw compromis moet de arts zich enkel nog vergewissen van de vaste wil van de vrouw om de zwangerschap af te breken. Die vaste wil kan niet meer aangevochten worden. Hij moet enkel nog een week wachten om de abortus uit te voeren. Koude administratieve taal.

Exit evaluatiecommissie

Van de evaluatiecommissie uit de vroegere wetgeving is zelfs geen sprake meer. Die commissie moest enkele jaren geleden vaststellen dat nog geen 5% van de noodsituaties te maken hadden met een handicap van het kind of de gezondheid van de moeder. 95% van de aangehaalde ‘noodsituaties’ waren: momenteel geen kinderwens, de vrouw voelt zich te jong, het gezin is voltooid, mijn vriend wil niet. En dus moest die commissie verdwijnen. Zij ging ten onder door het meest efficiënte wapen van de Belgische politiek: er moesten evenveel mannen als vrouwen in, evenveel Vlamingen als Franstaligen, een juiste verdeling tussen partijen, religies, medisch geschoolden, én met een quotum allochtonen. En zo kwam de commissie nooit meer tot stand. Efficiënt afgevoerd.

door het vervagen van de grens tussen juridisch en medisch, wordt het eisenpakket voor volgend jaar klaar gemaakt: abortus als louter medische ingreep

In het regeringscompromis wordt kwistig omgesprongen met de term ‘medisch’: artsen, medische behandeling, gezondheidszorg, medische dossiers. Dat is doelbewust: de abortuslobby heeft weliswaar nog niet bekomen dat abortus een louter medische ingreep is, maar door het vervagen van de grens tussen juridisch en medisch, wordt het eisenpakket voor volgend jaar klaar gemaakt: abortus als louter medische ingreep, en wie zich tegen een medische ingreep verzet, maakt zich strafbaar.

Verdere liberalisering van abortus

De liberalen hebben trouwens al aangekondigd dat dit compromis een tussentijds stapje is naar de verdere liberalisering van abortus. Het zal dan naast dat medische aspect, vooral gaan over het verlengen van de termijn binnen dewelke abortus een uitsluitende beslissing van de zwangere vrouw is. Die termijn is nu nog de eerste 12 weken. Het opvoeren van de termijn naar 15, of naar 20 weken, zoals in Nederland en Zweden, dat is het doelwit voor volgend jaar. Het is een welbeproefde politieke techniek: binnenhalen wat haalbaar is; later bespreekbaar stellen wat nog niet binnen is.

De NVA, intern verdeeld tussen seculaire liberalisten en christelijk geïnspireerde moralisten, koos voor een koel, opportunistisch compromis

En de tijdsgeest zit blijkbaar goed. De christendemocraten, die in 1990 als regeringspartij nog weigerden de abortuswet mee te stemmen, hadden ditmaal blijkbaar de moed niet meer om weerwerk te bieden, of ze zijn zelf door de tijdgeest aangetast. De NVA, intern verdeeld tussen seculaire liberalisten en christelijk geïnspireerde moralisten, koos voor een koel, opportunistisch compromis om de hinkende regering recht te houden. Weerwerk was er zeker niet van de oppositie: socialisten en groenen vonden dat de liberalisering van de abortuswet juist niet ver genoeg ging. Vlaams Belang mengde zich niet in het parlementair debat.

Fundamentele kritiek op dit regeringscompromis kwam er eigenlijk alleen van eenzame enkelingen en van de Belgische bisschoppen. Zij vrezen dat abortus ‘een medische ingreep als een andere dreigt te worden’. ‘Wie er zich vragen bij stelt of wie abortus weigert, zal zich moeten verantwoorden’. Alles heel voorzichtig geformuleerd.

Met deze wet op de vrijwillige zwangerschapsafbreking’, slordig opgesteld en rap-rap bijeen geklutst om van het gezeur van de liberalen verlost te zijn, losten de regeringspartijen een coalitieprobleem op. Daarbij konden zij rekenen op de verregaande onverschilligheid van het brede publiek.

Mark Geleyn